Auto belangrijker dan kwetsbare hei

De gemeenteraad van Hilversum heeft een Mobiliteitsvisie aangenomen. Daarin staat wat de gemeente de komende jaren gaat doen om Hilversum bereikbaar te houden en alle verkeersstromen in goede banen te leiden. Anno 2021 kan zo’n visie natuurlijk niet zonder de ambitie om natuur en milieu zoveel mogelijk te sparen.

Een van de opmerkelijkste ideeën is dan ook een autotunnel onder de Westerheide (tussen de Larenseweg en de Nieuwe Crailoseweg. Voor wie Hilversum niet goed kent: vanaf ongeveer het begin van de bebouwde kom komend vanaf de A1 tot einde Mediapark, ter hoogte van de televisietoren). Die route voert onder hei en bos. Kosten: minstens 250 miljoen euro. Volgens insiders zal realisatie eerder richting het miljard gaan. Waarom zo’n megalomaan en natuur slopend project, dat in een niet eens zo ver verleden al is afgeschoten?

Op de Joh. Geradtsweg staat het verkeer vaak vast, tot frustratie van aanwonenden. Auto’s stinken en maken lawaai. Al dat drukke verkeer is niet goed voor de gezondheid. Verder is het prima wonen aan de Joh. Geradtsweg: twee-onder-een-kap, ieder huis een oprit, voor- en achtertuin… Hilversums middleclass-sjiek. Enige spelbreker is dus die drukke weg voor de deur, al tientallen jaren onderdeel van de Hilversumse ring. Wie weleens van de A1 naar het Mediapark rijdt, weet welk stuk hier wordt bedoeld: van het Joop den Uylplein tot het spoorviaduct. Overigens maakt het autoverkeer met bestemming Mediapark nog geen 20% van het totale autoverkeer uit. Toch ‘eisen’ omwonenden een bypass, een nieuwe route van de A1 naar Mediapark via de verderop gelegen Erfgooiersstraat of via een tunnel onder de hei. Of ze er veel mee opschieten, is zeer de vraag.

De Hilversumse politiek is niet altijd eenvoudig te volgen. In de raadscommissie leek het er nog op dat alle partijen mordicus tegen een tunnel waren. Op D66 na. Dat is de partij van verkeerswethouder Annette Wolthers, die het plan uit haar hoge hoed had getoverd. Toen het in de gemeenteraad op stemmen aan kwam, bleken de coalitiekaarten toch net weer anders geschud. Alle negatieve adviezen van onder andere het Goois Natuur Reservaat (GNR) ten spijt, kreeg een SP-voorstel om ‘dus’ ook geen geld te verspillen aan prijzig onderzoek naar zo’n tunnel alleen steun van PvdA, Democraten Hilversum, ChristenUnie en GroenLinks.

Voor de bewoners van de Joh. Geradtsweg hoeft het niet per se een tunnel te zijn. Hun stukje ringweg omleggen via de Erfgooiersstraat mag ook. Als commissiewoordvoerder heb ik duidelijk gemaakt dat de PvdA het ‘over de schutting van de buren gooien’ van het drukteprobleem even onacceptabel vindt als een tunnel onder de hei. Aan de Erfgooiersstraat wonen minstens twee keer zoveel mensen als aan de Joh. Geradtsweg. Bovendien ligt pal naast de weg kwetsbaar bosgebied. Een directe aansluiting van de Larenseweg (N525) op de Erfgooiersstraat kan niet zonder een gigantische sloop van bos én bebouwing. Kortom, een bijna even absurd idee als een tunnel onder de hei. Zonder grote aanpassingen, via de Lindenlaan bijvoorbeeld, betekent de Erfgooiersroute dat de verkeersoverlast naar nog veel meer bewoners wordt verplaatst.

De Gooi en Eemlander suggereerde dat ik de bewoners van de Joh. Gerardtsweg, die in de raadscommissie kwamen inspreken, zou hebben gemaand ‘zich wat nederiger op te stellen’. Die conclusie is voor rekening van de verslaggever. Dat bewoners een oplossing voor het drukke autoverkeer zoeken, vind ik niet meer dan begrijpelijk. Alleen is een heitunnel noch de zogeheten Erfgooiersroute een serieus te nemen oplossing. De prijs voor beide is veel te hoog, voor mens én milieu, en het effect hoogstwaarschijnlijk nihil. Zoals gezegd, je gooit je rotzooi niet over de schutting van de buren en ook niet in de natuur. Maar dat ontslaat de gemeente niet van het zoeken naar een wel haalbare én effectieve oplossing.

Hilversum autostad

De Mobiliteitsvisie 2040 gaat nog steeds uit van Hilversum als autostad. Zelfs aan de anachronistische parkeergarages Marktgarage (Q-Park), Hilvertshof (Q-Park) en Noordse Bosje mag je niet komen, en dus stelt ook de ambitie van een autoluwe binnenstad weinig voor. Wethouder Wolthers erkent dat ook en belooft slechts een ‘emissievrije’ binnenstad. Straks dus nog wel met je dikke Tesla of elektrische Jaguar tot op het dak van de Action en de Hoogvliet, maar oma met haar pruttelende Canta is daar over enige tijd niet meer welkom.

Maar van emissievrij wordt Hilversum wel schoner, toch? Dat klopt. Maar daar hebben we geen Mobiliteitsvisie voor nodig. Vanaf 2030 mogen er toch al geen nieuwe auto’s met benzine- of dieselmotor meer worden verkocht (behalve hybride, die mogen nog tot 2035 worden verkocht). De elektrificatie van het wagen- en scooterpark zet in redelijk hoog tempo door. Misschien had D66 de bewoners van de Joh. Geradtsweg kunnen antwoorden: Tegen de tijd dat wij ons onderzoek naar de haalbaarheid van een peperdure tunnel of de Erfgooiersroute hebben afgerond, heeft u al veel minder last van uitlaatgassen en lawaaierige automotoren. Minstens de helft van het forenzenverkeer zal dan elektrisch zijn.

Laaghangend fruit

Ondertussen zijn er maatregelen denkbaar die de fileoverlast verminderen én goed zijn voor mens en milieu. Zo kan de gemeente veel meer doen aan snelheidsbeperking en een betere verkeersafwikkeling. Dat is goedkoper, realistischer en sneller te verwezenlijken dan een tunnel onder de hei. Als bewoner van de Geradtsweg zou ik daar voor gaan. Dat is allesbehalve nederig. Dwing die verwende Ferrari- en Porsche-eigenaren maar eens om 30 km te rijden in een woonstraat! De Tweede Kamer nam niet voor niets in oktober 2020 een motie aan om 30 km binnen de bebouwde kom als standaard in te voeren. Hilversum moet de motie alleen nog even uitvoeren.

Forenzen de bus en de trein in jagen helpt ook. Dan moet dan wel efficiënt en aantrekkelijk zijn. Leg transferia of P/R-parkeergebouwen aan langs de A1, de A27 en ook bij de N201. Bied snel vervoer naar het centrum en de werkgebieden (Mediapark, Arenapark) aan middels onder meer elektrische minibusjes en deelscooters/-fietsen. En wat te denken van een overdekte lopende band, zoals op vliegvelden, van het station naar Mediapark? Wees creatief.

Ook voor andere buurten geldt dat niemand zit te wachten op megaprojecten maar om s.v.p. z.s.m. zoiets simpels als om te beginnen wat extra verkeersdrempels en een extra zebrapad om dat achterlijke ge-race te stoppen. Zeker na enkele recente ongevallen, zoals op de Minckelersstraat, klinkt die roep steeds vaker. Niet dat elk ongeluk met een fietser, voetganger of scooter aan ge-race is te wijten, maar feit is dat er in Hilversum stevig wordt doorgereden, met ook alle geluidsoverlast en gevoelens van onveiligheid van dien. Zo is de Beatrixtunnel berucht om het nog even lekker extra gas geven met je auto of motorfiets met illegale knalpijp. De politie komt aan handhaven niet toe, dus de pakkans is zo goed als nihil.

Wat kunnen we doen om Hilversum veiliger en groener te maken? Maak van Hilversum een fiets- en wandelstad in plaats van een autostad. Pak het stoepparkeren (in onder meer Oost) aan, garandeer minimaal 1,5 meter doorgang op elke stoep in heel Hilversum. Stel stoplichten zo af dat fietsers niet frustrerend lang hoeven te wachten, zoals op de kruising Schapenkamp-Pr. Bernhardstraat. Haal de snelheid uit doorgaande straten, inclusief de ring, door de aanleg van drempels, versmallingen, verhoogde kruisingen en oversteekplaatsen, zebrapaden enzovoort. Dat kan ook nog effectief uitpakken tegen filevorming.

Fietspaden: ja graag, maar niet overal

Het lijkt soms taboe in fietsland om te suggereren dat je niet altijd en overal fietspaden moet willen om een route aantrekkelijk en veilig te maken voor langzaam verkeer. Buiten de bebouwde kom en langs doorgaande autoroutes zijn ze vanzelfsprekend, maar zeker in krappe binnensteden werken fietspaden soms averechts. Voorbeelden in Hilversum zijn wat mij betreft de Havenstraat en de Groest. De Havenstraat is commercieel, sociaal en verkeerstechnisch een drama, vooral vanwege de smalle vrijliggende fietspaden aan weerszijden. Op de Groest, ter hoogte van de Hilvertshof-garage, is alleen al het onderscheiden van het fietspad van stoep en straat een uitdaging, om van de oversteekplaatsen nog maar te zwijgen. Levensgevaarlijk.

Wat dan wel? In stadsstraten is een apart fietspad om meerdere redenen niet wenselijk: minder overzicht, lastiger oversteken voor de fietser, concurrentie met e-bikes, snorfietsen, e-steps etc. en het snelverkeer (naast de auto ook de brommer) voelt zich vrij om zo hard mogelijk over de ‘vrije’ rijbaan te scheuren. Rekening houden met langzamer verkeer hoeft immers niet. Beter is naar mijn mening (als niet-verkeerskundige) om straten zo in te richten dat de fietser en zijn gemiddelde snelheid er de norm zijn.

Voorbeelden in andere gemeenten bieden genoeg inspiratie. Denk aan de Amsterdamse Sarphatistraat (auto te gast) en nog dichterbij aan doorgaande 30km-routes in onder andere Bussum (Brediusweg) en Eemnes (Laarderweg). De eeuwige smoes dat het niet kan/mag vanwege Connexxion-bussen of de brandweer, of omdat een stuk weg ‘hoofdroute auto’ is, moet maar eens worden doorgeprikt.

Hoogste tijd om ook in Hilversum niet de auto vrijbaan te geven maar fiets, voetganger en openbaar vervoer.

Silverpoint

Tegenover station Hilversum staat een opvallend gebouw. Het buigt met de weg mee en is bekleed met grijze metaalkleurige gevelplaten. Zilver zou ik het niet noemen, eerder grauw als een sombere februarilucht. De naam Silverpoint is misschien wat misplaatst… maar om het zomaar even te slopen? En toch is dat wat Silverpoint wacht: er moeten appartementen verrijzen. Wie is vóór? Wie is tegen? Laten we eerst goed bedenken of sloop het enige antwoord is om die plek kleur te geven.

Woensdagmiddag 28 april 2021: het is marktdag en na maanden van corona-lockdown mogen de terrassen open én zijn de winkels weer op een bijna normale manier toegankelijk. Het is dan ook druk in het winkelhart van Hilversum. Ik laat de Primark en Action even voor wat ze zijn en bel aan bij Tante Jans, de tijdelijke invulling van Silverpoint. Initiatiefneemster Jacqueline van Oostveen leidt mij rond.

Jacqueline, ook actief in de lokale partij Leefbaar Hilversum, is trots op wat zij hier, met vrijwilligers, tot stand heeft gebracht. Tante Jans – vernoemd naar het hotel dat ooit op deze plek stond – heeft op de begane grond een gaarkeuken met restaurant voor dak- en thuislozen. “Ook GGZ-patiënten zijn hier welkom”, vertrouwt Jacqueline mij toe. “Het gaat om mensen die het in hun uppie moeilijk hebben, die juist nu, in coronatijd wel wat steun kunnen gebruiken.” En nee, Tantje Jans doet niet moeilijk. Hier geen registratie of bewijs dat je echt op noodhulp bent aangewezen.

Een geweldig initiatief, waar deze tante die van aanpakken weet met recht trots op is. Maar ik kijk ook met een andere, meer stedenbouwkundige bril naar deze schitterende ruimte op de begane grond. Het is gewoon af, verbaas ik mij. Met een magnifiek uitzicht op de straat, het station aan de overkant, de entree van de Koninginneweg, de Kwekerij. Dit is by far de mooiste ontmoetingsruimte van het centrum van Hilversum. Iedere horecaondernemer zou hier staan te likkebaarden. En er is ook nog een groen binnenterras achter het gebouw. Wat wil je nog meer!

En toch slopen?

De Gooi- en Eemlander van 3 maart 2021 kopt: ‘Silverpoint-kantoren worden gesloopt. Tegenover station Hilversum verrijzen volgend jaar 145 huurappartementen.’

Wow! Let vooral ook op ‘worden’ en ‘verrijzen volgend jaar’. Het is dus al helemaal in kannen en kruiken. En met een ongekend tempo. Tot mijn geruststelling staat Silverpoint er anderhalve maand later nog gewoon, daar waar het alweer heel wat jaren staat… op de hoek van het Schapenkamp en de Stationsstraat. Misschien is de prognose ‘volgend jaar’ iets te voorbarig.

Een sloopvergunning blijkt, bij navraag, niet zo ingewikkeld als je zou verwachten voor zo’n beeldbepalend, karakteristiek pand. Silverpoint is eigendom van de internationaal opererende Royal Properties Group, van de Zeister vastgoedontwikkelaar Lisman en Lisman. Het nieuwbouwplan voldoet aan het bestemmingsplan, zo laat de gemeente weten. Silverpoint geniet (nog) geen bescherming als monument en de plek is geen beschermd stadsgezicht, zo luidt de verdere toelichting.

Een rondvraag leert dat veel Hilversummers Silverpoint maar een lelijk gebouw vinden. Zij hebben de voormalige Volkskrant-achitectuurcriticus Jaap Huisman mee. Die schijnt Silverpoint ooit tot lelijkste gebouw te hebben uitgeroepen, niet eens van Hilversum of het Gooi maar van héél Nederland. En dan te bedenken dat het GAK-gebouw toen nog aan de overkant stond. Ook zo’n gebouw met een krachtig you love it or you hate it-sentiment.

Over smaak valt niet te twisten. Bij mij scoort bijvoorbeeld alles van de architecten Alberts en Van Huut vrij hoog als het gaat om lelijkheid, met als bekend dieptepunt hun antroposofische ‘meesterwerk’ Zandkasteel, het oude ING-hoofdkantoor in de Bijlmermeer. Een miniversie van dat gedrocht staat in Hilversum, desolaat aan de Naarderweg en al meer dan vijf jaar leeg: het Crailo Kantoor Valkieser. Ook Entrada zal van ondergetekende niet snel een architectuurprijs krijgen, om over de overige nieuwbouw aan dit stuk Schapenkamp (van Beatrixtunnel tot Koninginneweg) maar te zwijgen.

Acht verdiepingen hoog, al lijken het er de helft minder. De dakgoot reikt tot aan het ernaast gelegen gedrocht op de hoek van de Leeuwenstraat. Saillant: ook voor eetcafé Samen, de voormalige Gooische Herberg, bestaan blijkbaar sloopplannen.

Of het maar liefst acht verdiepingen hoge gebouw dat de Gooi- en Eemlander (hierboven) laat zien nu zo’n verbetering is, valt te betwijfelen. De vraag is bovendien wat immense pand zal doen met het 7 Straatjes-plan, het toekomstige stationsgebied. In feite sluit het nieuwe gebouw dat ambitieuze plan af met een tweede Berlijnse Muur, nu niet aan het spoor maar tussen het Stationsplein en het centrum.

En in tegenstelling tot Silverpoint is het ontwerp van Royal Properties allerminst karaktervol of markant. Het typeert op geen enkele wijze de creatieve ‘mediastad’ en heeft geen enkele link met Duiker of Dudok. Dit ontwerp past in elk centrum of kantorenpark, van Tilburg tot Almere. Het is er op gericht om zoveel mogelijk vierkante meters duur te verhuren. Wie van de artist impression nog meent ‘nou, dat ziet er best aardig uit’, is vast en zeker genezen bij de volgende ‘gevelaanzicht’ (zijde Schapenkamp) uit de vergunningsaanvraag:

gevelaanzicht

Peter de Clerq Zubli meets Jan Duiker

Silverpoint-haters zullen om sloop niet malen, misschien zelfs staan te juichen. Maar je kunt ook anders naar het gebouw kijken. Architect Peter de Clerq Zubli ontwierp het in 1998 opgeleverde complex. Zijn kantoor ontwierp onder heel veel meer de vermaarde Europarking aan de Amsterdamse Marnixkade en de Rembrandttoren. Voor Silverpoint moet hij zich hebben laten inspireren door Hotel Gooiland van Jan Duiker – bekend ook van sanatorium Zonnestraal. Persoonlijk vind ik Gooiland het meest indrukwekkende gebouw van Hilversum, al zal het altijd een too close to call-finale zijn met de vele andere architectonische juweeltjes in onze gemeente. Alleen al Dudok’s nalatenschap moet voor architectuurliefhebbers reden genoeg zijn om de troosteloosheid van Hilversums stadscentrum te trotseren.

In Silverpoint is duidelijk de vormentaal van Gooiland te herkennen, compleet met rondingen, verspringende gevelwand en torentje. Ook de verhoudingen doen aan Gooiland denken. Is het toeval dat beide gebouwen het begin en einde van het Schapenkamp markeren? Beide complexen zijn ook nog eens – in potentie – multifunctioneel. Dat is dan meteen een bruggetje naar het alternatief voor sloop.

De erfgenaam van De Clerq Zubli’s kantoor ZZDP in Amsterdam ziet genoeg mogelijkheden om Silverpoint te transformeren tot een multifunctioneel gebouw, waarin gewoond én gewerkt kan worden. Directeur Joris Deur meent dat Silverpoint ook een ander, vriendelijker aanzien kan krijgen, dat gastvrijer met de straat communiceert. De donkere ruiten kunnen worden vervangen, op de begane grond en/of eerste verdieping kunnen publieksfuncties (ook horeca) komen, aan de voorzijde is ruimte voor daktuinen, de gevelplaten kunnen door een vriendelijker variant worden vervangen. Er is van alles mogelijk, verzekert Deur.

Wie er nu naar binnen gaat, wordt niet alleen verrast door de immense ruimte en de mogelijkheden die het gebouw biedt, maar ook door de perfecte staat van onderhoud. Silverpoint is als nieuw. Zonde om dat te zomaar slopen, vindt ook een vermaard architect als Thomas Rau. In Hilversum woonachtig kent Rau Silverpoint goed. Hij is een van de vier architecten die ik om een mening heb gevraagd. “Je zou op z’n minst het skelet kunnen laten staan”, suggereert hij. Thomas Rau wijst op de grote milieuvoordelen van herbestemming en transformatie boven sloop. En het is nog een stuk goedkoper ook.

De Royal Properties Group van investeerder Lisman & Lisman belooft 145 huurappartementen. Zo veel kunnen er niet in Silverpoint, in elk geval niet als daar ook nog publieksfuncties en werkplekken blijven bestaan. Joris Deur van ZZDP – een toonaangevend architectenbureau dat in Hilversum recent H-Park heeft ontworpen en in Amsterdam onder meer het Amstelkwartier – heeft wel oren naar het idee de Q-Park Marktgarage deels te transformeren. Hou één of twee parkeerdekken aan voor bewoners en bedrijven, met alleen een ingang in de Stationsstraat en bouw woningen op de overige parkeerdekken. Dan kom je eind in de buurt van die 145 appartementen; misschien wel meer.

Uitgaande van alleen transformatie van het huidige Silverpoint, dus zonder de parkeergarage erbij te betrekken, maakte ZZDP een schets van hoe het er ook uit zou kunnen zien. Om toch een flink aantal woningen te kunnen toevoegen, is Silverpoint in dit schetsmatige ontwerp van twee extra verdiepingen voorzien. Die treden wel, net als de huidige bovenste verdiepingen, een flink eind terug ten opzichte van de rooilijn. Dus geen steile wand, zoals in het RPG-ontwerp. Verder valt de vergroening op: elke stuk dakterras wordt benut voor aanplant. De benedenverdiepingen worden transparanter en krijgen een publieksfunctie.

Mensen in plaats van auto’s

Hor belangrijk is die garage eigenlijk? Het uitzicht op de binnenplaats van Silverpoint is bijna net zo spectaculair als de voorzijde. Op de drukke marktdag, waarop ik mijn rondleiding krijg, vallen direct de lege parkeerdekken van de Markt-garage op. Kennelijk is deze garage helemaal niet zo broodnodig voor de middenstand en de markt. Belangrijk is bovendien de vraag of een parkeergarage van deze omvang überhaupt nog wel in een stadshart thuishoort, met alle ambities (Mobiliteitsvisie 2040) van een autoluwe binnenstad.

Goeddeels leegstaande Q-Park Markt-garage biedt ruimte aan tientallen relatief goedkoop te realiseren appartementen voor jongeren en ouderen: Mensen in plaats van auto’s. Waarom niet?

De files op zaterdag en woensdagmiddag op het Schapenkamp komen deels voor rekening van de Q-Park. Ook al lijkt het geen druk bezocht garage, op wat drukkere momenten rijden er genoeg auto’s in en uit om het doorgaande verkeer flink te hinderen. Dat weet iedere Hilversummer, en dat zal niet veranderen als het autoverkeer straks via de Koninginneweg wordt geleid in plaats van door de Stationsstraat. Er is dus ook een verkeerstechnische reden om deze parkeergarage op te heffen of te verkleinen tot bewonersgarage.

In Hilversum is behoefte aan kleine woningen voor starters, alleenstaande ouderen en jongeren. Woningzoekenden die vanwege werk of studie graag nabij openbaar vervoer wonen en van reuring houden zouden dolblij zijn met betaalbare woningen in de parkeergarage. Flexibele bouwtechnieken maken zo’n transformatie ook haalbaar. Ook voor ouderen die kleiner willen wonen en graag in het centrum kan de Q-Park een geweldige plek zijn, met winkels om de hoek en een groene binnenplaats als entree. Het aantal van 145, dat Royal Properties belooft, wordt waarschijnlijk makkelijk gehaald als de Q-Park-garage bij de herontwikkeling van Silverpoint wordt betrokken.

Behoud van Silverpoint hoeft niet te betekenen dat er minder woningen op die plek kunnen worden gerealiseerd dan in het plan van Royal Properties. Het opkopen van de garage door de gemeente of een ontwikkelaar biedt ook de mogelijkheid om te sturen op autobezit.

Ten slotte: Silverpoint ‘is’ media

Laat je als Hilversummer overtuigen. Stap eens binnen bij Tante Jans. Bel eens aan bij een van de kunstenaars die tijdelijk onderdak in Silverpoint hebben gevonden. Huur een van de zalen af voor een meeting, een expositie of een show… geen idee wat er allemaal kan. Jacqueline ‘Kunstkoffer’ van Oostveen van Tante Jans weet vast meer. Kijk ook naar onderstaande diashow. Mijn conclusie: slopen kan altijd nog… maar misschien moet Hilversum niet dezelfde fout maken als destijds bij de sloop van het prachtige station en van hotel Tante Jans, dat ooit op deze plek stond.

Nog één belangrijk argument: Hilversum is de mediastad. Maar wie met de trein binnenrijdt, heeft dat nauwelijks door. Oké, vanuit Amsterdam zie je het kleurrijke Beeld & Geluid aan je voorbijschieten. Een modern monument, met wél een beschermde status. Ooit prijkte op de gevel van Silverpoint het logo van Mediamonks (zit nu op H-Park), met in elk geval nog ‘media’ in de naam. Toegegeven, het is persoonlijk… maar bij mij roept Silverpoint als gebouw niet alleen met Hotel Gooiland associaties op maar ook met de grote omroepvilla’s van KRO, NCRV enzovoort. Het is een authentiek Hilversums gebouw, dat schreeuwt om een creatieve mediafunctie – die het nu tijdelijk heeft – en niet om terloops te worden neergehaald. Wat de entree van Hilversum, het toekomstige stationsgebied nodig heeft, is ‘smoel’ oftewel karakter. Silverpoint heeft karakter.