De televerkoper bleef aandringen, nadat ik tot drie keer toe vrij vriendelijk had aangegeven dat ik mij absoluut, no fucking way iets telefonisch liet aansmeren, sowieso niet was gediend van dat opdringerige gebel, op nota bene een nummer dat ik meende te hebben gevrijwaard van telecolporteurs en dat ik, met alle respect, met hem te doen had vanwege zijn ongetwijfeld door armoede genoodzaakte inbreken in andermans kostbare tijd… waarop het secreet vroeg: ‘Wat voor beroep heeft u eigenlijk?’ Overvallen door zo’n menselijke reactie na zijn aanvankelijk onverstoorbaar afraffelen van gescripte verkoopbabbels antwoordde ik naar eer en geweten: ‘Ik ben journalist.’ Waarop hij met vals nichterige toonverheffing snauwde: ‘Nou, dat is dus ook geen fijn beroep!’

Hij had een punt. Journalisten zijn misschien wel net zo gehaat en geminacht als telecolporteurs. Alleen advocaten en politici hebben mogelijk een nog lager aaibaarheidsgehalte. Dubbel pech voor mij, want ik ben niet alleen journalist, ik heb ook nog iets met politiek en het had weinig gescheeld of ik had mijn vaders advies opgevolgd en was advocaat geworden. Dat laatste ook omdat sommige van mijn docenten – degenen die mij ondanks mijn wangedrag toch nog enigszins welgezind waren – vonden dat ik verbaal sterk was en dus geknipt om recht te praten wat krom is. Want dat doen advocaten, toch? Is het niet, goegemeente? Slecht volk, advocaten… totdat je er een nodig hebt. Dito politici, van wie we graag onthouden wat ze niet hebben waargemaakt en liefst vergeten wat wel. Om over het journaille nog maar te zwijgen, die onruststokers en pathetische leugenaars… durven bijvoorbeeld te beweren dat de aarde opwarmt en dat de Turkse president een engerd is. Hoe durven ze!

Ik ben dus journalist, met nog wat afwijkingen in mijn cv. Zo ben ik enkele jaren in het onderwijs werkzaam geweest, als docent Nederlands. Ook was ik tien jaar lang woordvoerder en onderzoeker voor het Anti Discriminatie Overleg (ADO), een in de jaren negentig minder politiek hypercorrecte club dan de naam doet vermoeden. In een verder verleden was ik onder meer steigerbouwer, pompbediende, winkelier, chauffeur, timmerman en corrector. Verder laat ik mij weleens inhuren als troubleshooter, of met een sjieker woord: consultant. Ik hou ook wel van de term ‘interim-regelaar’. Dat ik daar enige vaardigheid in heb, komt mede door mijn ervaring als politicus. Jazeker, ik ben ook tien jaar lang actief geweest in de lokale politiek, in Amsterdam-Centrum om precies te zijn.

Maar dit weblog schrijf ik toch vooral als journalist/publicist. En nee, de vergelijking met het edele beroep van telecolporteur gaat toch echt een beetje mank. Ik dring niemand mijn stukjes op, u bent hier vrijwillig. En ik schrijf met open vizier, verschuil mij niet achter een verborgen telefoonnummer.

Mijn journalistieke cv:
– sinds 2007 hoofdredacteur (tevens directeur) van MUG Magazine
– 1999-2005 redacteur, eindredacteur en adjunct-redactiechef Amsterdams Stadsblad (Parool/Weekmedia)
– 1986-2007 incidenteel freelance werk, meestal naast ander werk
– 1975-1976 leerling-journalist Helderse Courant (Verenigde Noordhollandse Dagbladen)

Mijn wieg stond in Frankrijk maar ik ben in Nederland getogen, de eerste jaren in West-Brabant en mijn lagere- en middelbareschooltijd in Beverwijk. Na een kort oponthoud in Den Helder en weer terug in Beverwijk, kwam ik als student in Amsterdam waar ik bijna veertig jaar ben gebleven. Momenteel woon ik in het Gooi, de ‘tuinen van Amsterdam’ volgens marketeers. Ik heb vrouw en kind, ben afgestudeerd neerlandicus (taalbeheersing, bijvakken massacommunicatie/geschiedenis van de pers), rij motor, ben in bezit van rijbewijs ABCDE en een vaarbewijs en heb een zekere voorliefde voor echt goede muziek, literatuur, speelfilms, architectuur en kunst in het algemeen (sorry, ik ben inderdaad een beetje elitair). Waar ik niet veel mee heb? Gecultiveerde domheid en politieke hypercorrectheid.

 

Be the first to comment on "Journalist"

Leave a comment

Your email address will not be published.

*